thumb|Promotiegelegenheid Anne-Lot Hoek, Amsterdam 10 februari 2023 thumb|Interview met onafhankelijkheidsstrijder Ratu Ida Gede Burwan Manuaba door Anne-Lot Hoek en Ni Ketut Sudiani op Bali (2015) thumb|Anne-Lot Hoek op onderzoek in Rengat, Sumatra, januari 2016 thumb|Herdenking Peristiwa Rengat 5 januari 2016 (foto door Anne-Lot Hoek) thumb|Anne-Lot Hoek in gesprek met Feba Sukmana tijdens 'Vrijheid en Verzet' in De Rode Hoed (Amsterdam, 16 februari 2022) Anne-Lot Hoek (Den Haag, 1978) is een Nederlands historica, onderzoeker en auteur. Ze richt zich op het koloniale verleden en onafhankelijkheidsstrijd in Zuid-Afrika, Namibië en Indonesië.

Biografie en loopbaan Hoek woonde en werkte in Amsterdam, Windhoek en Kaapstad. Ze studeerde Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en Politieke geschiedenis aan de Universiteit van Perugia in Italië. Zij behaalde haar Master of Arts aan de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam, waar zij afstudeerde op de onafhankelijkheidsstrijd in Namibië. In 2023 promoveerde ze bij diezelfde universiteit op het proefschrift De strijd om Bali. Geweld, verzet en koloniale staatsvorming 1846-1950.

In 2021 debuteerde ze met De strijd om Bali. Imperialisme, verzet en onafhankelijkheid 1846-1950 (De Bezige Bij), waarvoor ze 128 betrokkenen op Bali en Nederland interviewde en uitvoerig literatuur- en archiefonderzoek deed.

Tijdens haar zeven jaar durende onderzoek ontdekte Hoek onder andere dat het Nederlandse leger een tangsi-systeemDe Indische Doofpot. Waarom Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesie nooit zijn vervolgd, Maurice Swirc, p. 507, de Arbeiderspers, 8 februari 2022, van 50 gevangenkampen op Bali had opgezet waarbinnen marteling en executies een systematisch fenomeen vormden. Ook liet ze zien hoe de strijd op het eiland onderdeel was van een lange traditie van antikoloniaal verzet en toonde ze aan dat Bali na de Tweede Wereldoorlog, als onderdeel van de door Nederland gecreëerde deelstaat Oost-Indonesië, een sleutelrol speelde in de Nederlandse dekolonisatiepolitiek. Tot dan toe had de focus van historici met name op Java gelegen. Hoek vertelt ook een groter verhaal over de dekolonisatie van heel Nederlands-Indië.

Hoek werkte van 2005-2007 bij het Afrika-Studiecentrum (ASC) in Leiden en deed onderzoek in Bolivia, Zambia, Kameroen en Mali.Bricks, Mortar and Capacity Building: A Socio-Cultural History of SNV Netherlands Development Organisation, Inge Brinkman in cooperation with Anne-Lot Hoek, Leiden, Koninklijke Brill NV, 2010, In 2012 deed ze opnieuw onderzoek in Zambia. Ze was toen reeds als freelance journalist begonnen voor Vrij Nederland, later voor NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer. Sinds 2012 publiceerde Hoek tientallen artikelen over het koloniale verleden in Indonesië. Daarnaast neemt ze regelmatig deel aan het postkoloniale debat in debatcentra en op radio en tv.

In 2012 droeg ze met haar eerste artikel over Indonesië bij aan het verzoek tot eerherstel voor drie mariniers die hadden geweigerd om als represaille een kampong op Oost-Java in brand te steken.De Indische Doofpot. Waarom Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesië nooit zijn vervolgd, Maurice Swirc, p. 122-123, 125, de Arbeiderspers, 8 februari 2022, De brandende kampongs van Generaal Spoor, Remy Limpach, p. 644-645, Amsterdam: Uitgeverij Boom, 14 oktober 2016, Een paar maanden later werd daartoe een motie ingediend in de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Hoek traceerde een dochter van een van de mariniers, Nicoline de Hoog, en vertelde haar voor het eerst over deze geschiedenis van haar vader. Nicoline diende een verzoek tot verificatieonderzoek in bij het Ministerie van Defensie, waarna postuum eerherstel voor haar vader en de twee andere mariniers volgde.

In 2013 deed Hoek archiefonderzoek en interviewde ze veteranen in Nederland en in Parijs, waaruit voor het eerst naar voren kwam dat het Nederlandse leger oorlogsmisdaden had gepleegd op Bali. Een oud verzetsman uit de Tweede Wereldoorlog deelde gruwelijke foto's van zijn legereenheid en betoogt in het artikel: 'Er zijn daar op Bali misdaden tegen de menselijkheid gepleegd. En de Nederlandse staat moet daar verantwoording over afleggen.' Hoek sprak met getuigen uit die tijd die bevestigden dat er misdaden zijn gepleegd en dat ze er zelf aan meededen. Ze verwerkten dat in hun latere leven ieder op hun eigen manier. Het nieuws werd opgepakt in de pers in Nederland en Indonesië, en andere auteurs namen het op in hun werk.De Indische Doofpot. Waarom Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesie nooit zijn vervolgd, Maurice Swirc, p. 88, de Arbeiderspers, 8 februari 2022, De brandende kampongs van Generaal Spoor, Remy Limpach, p. 381-382, Amsterdam: Uitgeverij Boom, 14 oktober 2016,

In 2014 ontdekte ze archiefdocumenten waaruit bleek dat Nederlandse gezagsdragers Bali tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog als hun particuliere koninkrijkje runden en er veel gemarteld werd. Een vernietigend officieel onderzoeksrapport over corruptie en intimidatie op Bali werd weggewerkt.

In 2015 stelde Hoek in NRC Handelsblad dat historische instituten 65 jaar lang hun taak hadden laten liggen. Ze publiceerde op de voorpagina van diezelfde krant een artikel over een vrij onbekende Zwitserse dissertatie van de Zwitsers-Nederlandse historicus Remy Limpach die de 'Excessennota' uit 1969 weerlegde, de nota die werd opgesteld naar aanleiding van de bekentenis van Joop Hueting in 1969 op nationale televisie in VARA programma Achter het Nieuws, waarin hij openlijk sprak over oorlogsmisdaden begaan door Nederlandse militairen, waaronder hemzelf, tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog. In 2016 ging Hoek in het artikel Iedereen wist het, maar niemand kon het zeggen dieper in op de vraag waarom Nederlandse historici van de vorige generatie, zoals Cees Fasseur, een ontwijkende houding hadden aangenomen ten opzichte van het daadwerkelijke geweld in Indonesië. Het artikel droeg bij aan wat Martin Bossenbroek een paradigmawisseling en een historiografische regime change noemde.De wraak van Diponegoro. Begin en einde van Nederlands-Indië, Martin Bossenbroek, p. 13-14,19, Athenaeum, 2020, Hoek wordt wel genoemd als onderdeel van 'een nieuwe generatie historici'.

Begin 2016 reisde Hoek af naar Indonesië voor een onderzoek in Rengat, Sumatra, naar de aanval op die stad in januari 1949. In de 'Excessenota' uit 1969 werd uitgegaan van 80 burgerslachtoffers en 30 gedode soldaten. In Rengat stond een monument dat melding maakte van 1.500 slachtoffers en 186 namen. In het Nationaal Archief ontdekte ze een reeks bronnen uit 1949, zoals een namenlijst van 120 'gesneuvelde burgers', een inschatting van de Nederlandse Resident van 400 doden en een Chinees krantenartikel dat melding maakte van meer dan 1.000 doden. Alleen al uit een vergelijking van de namenlijst uit het archief met de namen op het monument kwam een nieuw aantal individueel bekende slachtoffers van 270 naar voren.

Ze schreef er twee artikelen over in NRC Handelsblad De Indische Doofpot. Waarom Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesië nooit zijn vervolgd, Maurice Swirc, E-Book, p. 147-148, de Arbeiderspers, 8 februari 2022, en maakte de Reporter Radio-reportage Het bloedbad van Rengat voor NPO Radio 1. Het werd opgepikt door andere landelijke media zoals de Volkskrant, het Algemeen Dagblad, Trouw, de NOS en RTL Nieuws. Ook in Indonesië werd meermaals over het Bloedbad van Rengat gepubliceerd. Mensenrechtenadvocate Liesbeth Zegveld noemde de gebeurtenissen in het onderzoek van Hoek in een reactie "van dezelfde orde van grootte als Rawagede en de moordpartijen op Zuid-Sulawesi". Het was een van de dodelijkste Nederlandse militaire operaties op Sumatra. Volgens David Van Reybrouck gaat het mogelijk om de grootste individuele oorlogsmisdaad van de hele oorlog.Revolusi. Indonesië en het ontstaan van de moderne wereld, David Van Reybrouck, p. 468 Amsterdam: De Bezige Bij 2020, Hoek schreef later dat jaar nog een tweeluik over Rengat voor Inside Indonesia. Aan een van de weduwen uit kampong Skip in Rengat, wier man politieman was en geëxecuteerd werd, keerde de Nederlandse staat een schadevergoeding uit van 20.000 euro. Zo'n vergoeding werd alleen toegekend als aangetoond kon worden dat iemand door Nederlandse militairen geëxecuteerd is in een actie "van vergelijkbare ernst en aard als Rawagede en Zuid-Sulawesi". De BBC in Indonesië publiceerde een uitgebreid artikel over Hoeks Rengat-onderzoek op Sumatra en haar eerdere onderzoek waarin ze oorlogsmisdaden op Bali ontdekte.

Het Rengat-artikel verscheen in februari 2016. Een paar maanden later, in juli 2016, werden het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde, het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies en het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) geïnformeerd door het Ministerie van Buitenlandse Zaken dat ze zich moesten gaan voorbereiden op een mogelijke omslag in het parlement. Minister Bert Koenders was ervan overtuigd geraakt dat een grootschalig onderzoek benodigd was en op Algemene Zaken, voorgezeten door minister president Mark Rutte begonnen "dingen te schuiven".. In september 2016 lichtte ze in het politieke actualiteitenprogramma Buitenhof haar onderzoek in Rengat nog eens toe tijdens het item "oorlogsmisdaden in Indië" en betoogde ze dat ongeacht de juridische schuldvraag expliciet premier Rutte namens het kabinet verantwoordelijkheid moest nemen voor de gebeurtenissen tijdens de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië.

Eind 2016 ging de Tweede Kamer officieel overstag met het standpunt dat er 'voldoende aanleiding is voor een breed opgezet onderzoek' naar het in Indonesië gebruikte geweld in de periode 1945-1949. Het door de overheid gefinancierde onderzoek kreeg de titel Onafhankelijkheid, dekolonisatie, geweld en oorlog in Indonesië, 1945-1950 (ODGOI). Tweede Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma, die zich politiek inzette voor het onderzoek, vertelde Hoek in een interview dat de politieke goedkeuring voor het onderzoek voor 75% tot stand kwam gekomen als gevolg van nieuwe feiten vanuit de journalistiek en de rechtszaken tegen de Nederlandse staat en voor 25% door de eerder genoemde Zwitserse dissertatie. Nadat de laatste jaren telkens 'druppelsgewijs' nieuwe feiten naar boven kwamen over deze periode was de Zwiterse dissertatie toen deze in oktober 2016 in boekvorm werd gepubliceerd de spreekwoordelijke 'plons' die de al volle emmer deed overlopen.De strijd om Bali. Imperialisme, verzet en Onafhankelijkheid 1846-1950. Hoofdstuk 16, voetnoot 53, Anne-Lot Hoek Hoek reageerde in Nieuwsuur op het kabinetsbesluit.

In 2016 en 2017 was Hoek fellow aan het KITLV en journalist in residence aan het Netherlands Institute for Advanced Study (NIAS) van het KNAW. Tussen 2017 en 2019 schreef ze een hoofdstuk in Revolutionary Worlds binnen het ODGOI-onderzoek.Revolutionary Worlds. Local Perspectives and Dynamics during the Indonesian Independence War, 1945-1949. Roel Frakking, Bambang Purwanto, Yulianthi, Abdul Wahid (et.al), State-making is war-making. Military violence and the establishment of the State of East Indonesia in 1946 , Anne-Lot Hoek, Amsterdam University Press, 2023, Toen Joop Hueting, de klokkenluider over oorlogsmisdaden tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog, overleed, in november 2018, reageerde Hoek in Nieuwsuur.